Propinion text

Agentic AI is geen hype meer: het verandert de manier waarop we software maken.


De afgelopen periode heb ik intensief gewerkt met agentic AI in een setup die ik eerst vooral als experiment zag, en inmiddels als een heel serieus nieuw werkmodel. Niet “AI als assistent”, maar AI als rolgedreven team: ChatGPT als business analyse, Claude als software engineer en Codex als QA. Wat me vooral bijblijft is hoe snel het beeld is verschoven van nieuwsgierigheid naar overtuiging. Er vindt op dit moment een echte revolutie plaats in softwareontwikkeling — niet volgend jaar, niet “zodra het volwassen is”, maar gewoon nu.

Human AI collaboration

Van hype naar praktijk: vibe coding wordt ineens serieus

Een tijdje geleden keek ik met gezonde scepsis naar de belofte van vibe coding. Het idee dat je vooral in intenties praat en er “magisch” code uit komt die ook nog klopt, voelde als iets dat je vooral op conferenties hoort, vlak vóór de demo crasht. Je kon er best aardige prototypes mee maken, maar als je kwaliteit, structuur en onderhoudbaarheid belangrijk vindt, moest je er echt nog een korrel zout bij pakken. Soms een hele zoutmijn.

Wat er nu gebeurt met de combinatie van Claude, Codex en ChatGPT is anders. Het is geen trucje meer. Het is een werkbare aanpak waarmee je een applicatie kunt bouwen op een manier die productief én beheersbaar is. De belofte wordt ineens waargemaakt.

Drie rollen, één ritme: BA, engineering en QA tegelijk

Wat voor mij het verschil maakt is de rolverdeling. Ik merkte dat als je één model alles laat doen, je snel krijgt wat je in teams ook ziet als je geen duidelijke rollen hebt: iedereen doet een beetje alles, en dan wordt “klaar” vooral een gevoel.

Door de rollen scherp te scheiden ontstaat er ritme:

  • ChatGPT als business analyse helpt om requirements, scope, user flows en acceptatiecriteria concreet te maken. Het haalt de mist uit “we willen iets met…” en dwingt je tot keuzes.
  • Claude als software engineer is sterk in architectuurkeuzes, implementatie en refactoring-voorstellen. Vooral dat laatste is belangrijk: niet alleen bouwen, maar ook structureel verbeteren.
  • Codex als QA is heerlijk streng. Het denkt in testcases, edge cases, regressie en in de simpele maar effectieve vraag: wat kan hier stuk?

Het geheugen-probleem is echt — maar het is nu oplosbaar te maken

Eén van de grootste beperkingen die ik eerder ervaarde met agentic AI was “geheugen”. Niet in de zin dat modellen niets weten, maar in de zin dat ze niet vanzelf consistent blijven met eerder gemaakte afspraken. Als je niet oplet, reageert een model vooral op de laatste prompt en kan het net doen alsof jullie gisteren geen afspraken hebben gemaakt over architectuur, naming, quality gates of refactoring. Dat voelt soms alsof je teamleden elke ochtend opnieuw moet inwerken.

Hier kwam Codex voor mij ineens in beeld als een gamechanger, omdat je met skills het geheugen praktisch kunt organiseren. Ik heb een codexMemory-skill gemaakt die ik naar believen kan vullen met besluiten, belangrijke analyses, gekozen patterns en non-negotiables. Als er een keuze wordt gemaakt (“we doen dit zo”), dan leg ik het vast. Als er een belangrijke nuance is (“dit is bewust tijdelijk”), dan leg ik het vast. En als we learnings hebben (“dit patroon gaf duplicatie”), dan leg ik het vast.

Het effect is simpel maar enorm: je voorkomt dat je steeds opnieuw dezelfde context moet herhalen, en je maakt het mogelijk om modellen consistent te laten werken binnen dezelfde kaders. Het geheugen wordt daarmee niet iets dat je hoopt dat het model heeft, maar iets dat je als professional organiseert.

QA wordt volwassen: niet alleen testen, maar kwaliteitsborging

Wat ik zelf misschien wel het meest indrukwekkend vind, is wat er gebeurt als je QA serieus koppelt aan dat geheugen. Met de codexMemory-skill als fundament kun je QA niet alleen inzetten op “werkt het?”, maar op “blijft het goed?”. Dat betekent:

  • regressiechecks gebaseerd op eerder gemaakte afspraken,
  • kwaliteitscriteria die consequent worden toegepast,
  • review op refactoring: niet alleen features opleveren, maar ook de codebase onderhouden,
  • en vooral: minder discussie op gevoel, meer review op expliciete criteria.

In klassieke teams is kwaliteitsborging vaak het eerste dat sneuvelt onder druk. Niet omdat mensen kwaliteit niet belangrijk vinden, maar omdat snelheid, deadlines en zichtbaarheid meestal winnen. In deze setup kun je kwaliteit juist sneller en consistenter maken, omdat je het proces eromheen kunt automatiseren en herhaalbaar kunt maken.

Het werk van de developer is nu al veranderd

Als ik één uitspraak hard durf te maken: het werk van een developer is voorgoed veranderd, en wel op dit moment. Niet omdat developers overbodig worden — integendeel — maar omdat de waarde verschuift.

De developer van nu wordt veel minder “alleen maker” en veel meer:

Dit is ook waar het strategisch wordt. Organisaties die dit zien als een leuk experiment, lopen het risico te laat te zijn. Want wie agentic AI goed inzet, versnelt niet alleen delivery, maar ook leren. En in software is leersnelheid uiteindelijk concurrentiekracht.

Professionals die ermee leren werken, krijgen een vermenigvuldiger op hun output. Niet door harder te werken, maar door slimmer te organiseren: korte cycli, expliciete kwaliteitseisen, en peer-review met meerdere modellen. Bedrijven die nu investeren in dit werkmodel bouwen een voordeel op dat lastig in te halen is, omdat het zich ophoopt in tempo, ervaring en kwaliteit.

Conclusie: de belofte wordt waargemaakt — mits je kwaliteit organiseert

De combinatie van Claude, Codex en ChatGPT is op dit moment sterk genoeg om de belofte van agentic AI waar te maken. Vibe coding is niet langer alleen een leuke demo; het kan een serieus ontwikkelmodel zijn. Maar niet als je het laat zweven.

De sleutel zit in expliciete kaders, in kwaliteitsborging en in geheugen dat je doelbewust inricht. Met een codexMemory-skill om besluiten en analyses vast te leggen, en QA die die afspraken consequent toetst, wordt agentic AI niet alleen snel, maar ook volwassen.

En eerlijk: het is ook gewoon leuk. Niet omdat het “makkelijk” is, maar omdat je sneller ziet wat je bouwt, sneller leert, en sneller waarde levert. De toekomst van softwareontwikkeling is niet een verre horizon. Het is de manier waarop je morgen je dag kunt inrichten — als je besluit aan te haken.

Logo